Het gebeurt de afgelopen dagen telkens weer. Als ik nu een man met een hond zie wandelen, dan vraag ik het me af.
Het, ja, het.
Of hij het zou zijn.
Je weet wel.
Het.
Een bospoeper…
Ik ben vast niet de enige. Toch?!
Het gebeurt de afgelopen dagen telkens weer. Als ik nu een man met een hond zie wandelen, dan vraag ik het me af.
Het, ja, het.
Of hij het zou zijn.
Je weet wel.
Het.
Een bospoeper…
Ik ben vast niet de enige. Toch?!
Vandaag ga ik helemaal Story, met mijn eigen invulling van de rubriek Ooit gedaan, nooit gedaan.
Ooit gedaan:
Nooit gedaan:
En jij?
Soms vraag ik me dingen af. Nuttige of nutteloze dingen. Interessante of oninteressante dingen. Grappige of serieuze dingen. Domme of slimme dingen. Of nog andere dingen.
En nu dit. Op zondagavond lees ik op teletekst en in de krant het volgende over De smaak van De Keyser:
1964 versus 2008: dat is 44 jaar. Toch?! Nu, het kan aan mij liggen maar ik vind niet dat Alessandra er 44 jaar uitziet. Dus klopt ofwel de tijdsrekening in de serie niet ofwel de uitleg over de aflevering niet!
U mag zelf oordelen of u dit nuttig, nutteloos, interessant, oninteressant, grappig, serieus, slim of dom vindt.
De vakantie is voorbij.
Ik heb de wet overtreden! Bewust. Schaamteloos. Zonder scrupules. Gewoon ingegaan tegen de maatschappelijke regels. De rebel in mij, ze voelde zich oppermachtig. Heerlijk superieur. Yeah!
Ik had nochtans een goed excuus. “Tuurlijk had je dat, iedereen die de wet overtreedt, heeft een goed excuus“, hoor ik je denken. En toch was het zo: het nood breekt wet-excuus namelijk. En de nood was in dit geval Bart, alias nonkel madrina.
Bart is donderdag op zijn werk gevallen. Met een zeer dik en pijnlijk been als gevolg. Ons plan om de autostrade onveilig te maken met de auto (Bart combineert vlotjes de taken nonkel madrina met rijbegeleider madrina) viel lichtjes in duigen. Wij tweetjes dan maar naar het ziekenhuis, waar we vooral hebben gewacht. En van de ene onderzoekskamer naar de andere hebben gemankt. Of liever gesukkeld. Waarom zouden ze ook iemand die amper kan stappen een rolstoel geven?
Enfin, één serieuze bloeduitstorting en verrekking later komt de verpleger langs met de melding dat we naar huis mogen, maarrrrrrrrrrrrr… dat Bart niet met de auto mag rijden…
Ik voelde meteen nattigheid. En Bart voelde ze ook. Zelfs de verpleger voelde de spanning. ”Ze is nog maar enkele maanden aan het rijden, ziet u“, prevelt Bart stilletjes. ”Ik heb geen L“, vervolg ik al even stil. “Ja meisje, je richtingaanwijzers gebruiken, opletten voor fietsers en stoppen voor het rood licht“, antwoordt de verpleger stoer alvorens hij ons wegstuurt. Bart en ik kijken naar elkaar en voelen de krop zenuwen in onze keel groter worden.
Niet dat het rijden op zich een probleem is. Ondertussen heeft deze meid er al 20 uur rijles in de rijschool en gigantisch veel rij-uren thuis op zitten, en begint de auto meer haar vriendje te worden. Maar mijn eerlijkheid speelt me parten: met mijn voorlopig rijbewijs heb ik een L nodig. Wat als de politie me tegenhoudt? Zullen ze mijn nood breekt wet-excuus aanvaarden?
Ik ben nog nooit zo opgelucht geweest toen ik uiteindelijk de auto parkeerde. Bart trouwens ook. Al had dat bij hem vooral te maken met het feit dat ik nu met zijn auto reed en niet met die van thuis, denk ik…
Volgens Karel zijn mijn blogtekstjes kunst.
Kunst ja. Ik schrok ook hoor.
“Kunst probeert de realiteit zo werkelijk mogelijk weer te geven. En dus zijn jouw tekstjes kunst; want ze herkenbaar, dagdagelijks en eenvoudig“, vertelde hij fijntjes.
Nou, daar werd ik even stil van. En toen kwam er nog dit.
“Je blogtekstjes zijn ook schattig.“
Ik heb de hele tijd naar mijn computerscherm zitten grijnzen.
Nog steeds trouwens.
Twee berichten posten op dezelfde dag vind ik een beetje not done, maar voor één keer ga ik het toch doen. Er moet me namelijk iets van het hart.
Nu Goedele Liekens is uitgeschakeld, is de titel van De Slimste Mens ter wereld sowieso voor een man. Geen vrouwelijke opvolger voor journaliste Annelies Rutten, maar alweer een man. En dat vind ik dus behoorlijk … KAK!
En STOM!
En ook BAH!
Nah!
Ten huize Madrina gaat het soms als volgt:
Tot mama Madrina op een dag kon sparen voor een handdoek van Mega Mindy. O la! Vergeet de andere kinderen, vergeet zelfs Antje, maar die handdoek van Mega Mindy is van mij! Geen discussie mogelijk! Zelfs de kleinste porie in mijn lichaam schreeuwde luidkeels: ik moet en zal die handdoek hebben!
Ik geef schaamteloos toe dat ik een grote fan van Mega Mindy ben. Ik kijk nu al vol spanning uit naar de film die binnen enkele maanden uitkomt. Stiekem wil ik ook zo’n roze outfit. Ik deel mijn naam met haar als ze een eenvoudig meisje is. Ik kijk niet alleen naar de serie, ik bekijk zelfs de heruitzendingen! En als ik in de winkel loop, moet ik altijd even naar de gadgets.
Kortom, mama Madrina begon met veel moederliefde puntjes te verzamelen en tot op vandaag ben ik werkelijk enorm gelukkig met mijn handdoek. En mama, als je ooit kan sparen voor de film…, dan is hij voor mij!
Ik ben geen chaotisch persoon. Toch niet wat betreft data, afspraken, to do lijstjes, agenda’s, uren, … Over mijn hoofd en de rommel in mijn kamer daarentegen zwijgen we.
Soit, het komt er dus op neer dat ik zo’n beetje een wandelende agenda in combinatie met een notitieboekje ben. En doe er ook nog een vleugje dienstregeling bij. Ik kan zonder mijn agenda te bekijken perfect zeggen tegen wanneer opdrachten moeten worden ingediend, ik weet altijd hoe laat de trein vertrekt, ik ken de uren van de volgende trein indien ik de eerste gemist heb (hoewel ik nooit de trein mis), ik speur verschillende plannetjes af en vergelijk ze met elkaar om dan de beste weg te kiezen, ik test routes op voorhand uit om in te schatten hoeveel tijd ik nodig heb, ik zoek bovenstaande dingen op voor vrienden, ik sms hen het aantal haltes dat ze nog moeten stoppen, …
En nog zoveel meer.
Als ik dan op dinsdag een mail krijg van mijn stagebegeleidster om op vrijdag af te spreken, noteer ik dat meteen in mijn agenda en in mijn hoofd. Nog voor ik zelfs geantwoord heb!
Drie dagen later sta ik een halfuur te vroeg op school. Een latere trein nemen waardoor ik amper twee minuten te laat zou kunnen komen (eventueel, misschien, 1% kans, …), is namelijk not done. Aan het onthaal informeer ik ”of ze weet waar ik moet zijn, want stagebegeleidster L. heeft geen lokaal laten weten“. Zonder resultaat, maar “blijf gerust hier wachten, want ze zal tot hier komen“.
Vijf na twee. Hmm, nog niemand te zien.
Tien na twee. Zou er iets op de valven hangen?
Vijftien na twee. “Wachten kan lang duren hé.“
Twintig na twee. “Ik zal eens bellen“, besluit de onthaaldame, die niet meer in staat is om mijn triestige blik zo te laten.
“Hallo, u spreekt met (…). Hier staat een studente die een afspraak met u heeft. (…) Ja, om twee uur. (…) Wacht even, ik vraag haar naam. (…) In verband met de stage. Oh, dat is volgende week vrijdag. Niet vandaag. U hebt haar gemaild. Ze weet dat. Volgende week dus. Ah… (…)“
Twee minuten later staar ik verbijsterd naar mijn computerscherm om te beseffen dat vrijdag 30 januari en vrijdag 6 februari totaal niet op elkaar trekken.
Euhm, ik chaotisch? Nooit!